Archive for May, 2009
De madam heeft weer gedanst.
Vele brieven met wit poeder zaten er in mijn bus. Klachten! Protest! Boe-geroep. Er was op dit blog nog niets over Pivolté verschenen! Ik deed mezelf oneer aan. Maar niet heus.
Nog even schetsen: mijn madam danst bij Pivolté. Die dansschool geeft elk jaar een vierdaagse, zesdelige dansshow. Ik heb daar zelf verder niets mee te maken. Het enige wat ik doe, is achteraf mijn mening geven. En hier komt ze:
Ik vond het goed, dames. Beter dan vorig jaar. Proficiat!
Argumenten daarvoor? Heel weinig, sorry! Zoals ik keer op keer pleeg te zeggen: ik ken niets van dansen. Maar ik weet wel wat ik mooi vind, waar ik graag naar kijk. De show in zijn geheel, wist meer te boeien dan vorig jaar. Schrijf dat maar toe aan een combinatie van factoren: een leuke lichtshow, originele toestanden op het podium (knap hoor, dat rijdend hart!) en een aangename afwisseling in de muziek. En het dansen zelf ook, dat spreekt.
Ah, de muziek. Daar wil ik dan toch nog iets over zeggen. De beatversie van ‘The Phantom of the Opera’ vind ik lelijk. (Maar wie ben ik, natuurlijk). Was ik baas, ik zou op zoek gaan naar iets origineels. Nu is het teveel ‘been there, done that’. Traag beginnen, snel en met een beat eindigen. Rood, in de tijd. Scala, meen ik mij te herinneren. En nu weer.
Een tweede bedenking die ik mij gemaakt heb, is dat ik niet begrijp waarom die dansleraar elk jaar opnieuw mee in de spotlights wil staan. Ik heb mij daar niet mee te moeien natuurlijk, maar tijdens een voetbalmatch wil ik spelers zien, en geen trainer.
Maar hey! Het zijn details! Mijn persoonlijke mening, en daarom van geen belang. De conclusie is heel positief: het was een mooie show, heel professioneel. Veel mensen kunnen er alleen maar van dromen, van zo’n grootse show voor zijn dansgroep/orkest/whatever. Veel mensen, waaronder ik.
Geluk in het spel.
Mochten de examens even vlot verlopen als de radiospelletjes van de vrt waaraan ik deelgenomen heb, ik zou een heel tevreden mens zijn.
Woensdag kreeg ik telefoon van Radio 1. Om te zeggen dat ik een duoticket gewonnen had voor het showcaseconcert van Daan, in de ABclub in Brussel. Meer informatie daarover zou volgende week in de bus moeten zitten.
En zie, het ander spelletje waar ik wel eens aan mee doe, is de podcastvraag van de Grote Peter Van de Veire ochtendshow podcast. En kijk wat ze schrijven: ‘Proficiat, Mathias! Een “madeliefje” was een goed antwoord op onze podcastvraag. Veel plezier met dit praktisch boek! Peter, Gunther en Lieselot.”
Dat pratisch boek, tja. Ik krijg rugpijn van alleen maar naar de prentjes te kijken. Maar toch: zeer merci Peter, Gunther en Lieselot!
[audio:http://www.mathiasdhondt.be/wp-content/audio/pvdvpodcast.mp3]

Het doet er mij aan denken dat ik drie maand geleden de Seksbijbel van Goedele gewonnen heb, en dat ik die ook nog niet gelezen heb. (Een mens zou met al de prijzen zowaar een reputatie beginnen krijgen.)
Filip toch.
Zelden zoiets belachelijk gelezen:
Vlaams Belang-kopstuk Filip Dewinter wil meer middelen uittrekken voor het wegennet in Vlaanderen. Het geld moet maar komen van het openbaar vervoer en van de cultuursubsidies.
(Bron)
Volgens dat verkiezingsdink stemt 31% van de bezoekers van dit blog voor Vlaams Belang. Please, think again, hastn.
Who took my badjas?
Belgacom ft. Nicole Kidman, Robert De Niro en Dustin Hoffman. Geniaal.
Verkiezingdink.
Sinds vandaag ziet u in de rechter nonsensbalk van dit blog een verkiezingswidget staan, ontwikkeld door de mensen van de reclameregie. U kan daar dus op klikken, en zo kiezen welke kleur de blogosfeer krijgt. Op die manier krijgen we dus binnen enkele dagen een heuse peiling, met een vrij omvangrijke steekproef, bestaande uit bloggers en bloglezers. De resultaten worden elk uur bijgewerkt, en kunt u hierzo bekijken.
Concert! Zaterdag!
Nu zaterdag spelen wij voor Klara in Oudenaarde een concert op de markt in -u raadt het al!- Oudenaarde. Ik kijk daar, om meerdere redenen, nogal naar uit. Ten eerste is het een meer dan welgekomen afwisseling in een eentonige examenperiode. Ten tweede, en vooral ten tweede: volgens mij wordt dit een heel mooi concert voor NOOTuitgang. Het is de allereerste keer dat we een écht klassiek nummer spelen (en geen filmmuziek) en dit voor een publiek dat van échte klassieke muziek houdt. En iets van écht klassieke muziek kent. Je zou het toch mogen verwachten van het Klara-publiek.
Ons optreden kreeg de titel ‘Conquering heroes’ en is een muzikale samenwerking tussen NOOTuitgang, een ensemble van thebaanse trompetten en een beiaard. De bezetting kan dus moeilijk nog meer afwijken van een standaard klassiek orkest, maar dat bederft de pret zeker niet.
Ik garandeer u; het zal schoon zijn. U krijgt alvast een voorsmaakje. (De opname is niet van ons.)
[audio:http://www.mathiasdhondt.be/wp-content/audio/seetheconqueringherocomes.mp3]
Examenpost (iii).
Statistiek, dat is de wetenschap die ons rond de pot leert draaien. Zeg niet: ‘22% van de kiezers gaat voor partij X stemmen’, maar wel: ‘er is 95% kans dat 22% van de kiezers voor partij X gaat stemmen’. Met statistiek kan je alles aantonen, en ook weer niets.
Harde feiten zijn veel interessanter. Bijvoorbeeld:
Vrouwen spenderen drie jaar van hun leven aan ‘zich klaarmaken’. Per dag is dat gemiddeld 40 minuten in de badkamer, en als ze uitgaan loopt dat op tot een 1 uur en 12 minuten. Die 40 minuten bestaat uit 12 minuten douchen, 2 minuten afdrogen, 5 minuten insmeren, 10 minuten drogen en brushen en 11 minuten kleden.
Mannen spenderen in hun leven drie maand aan het wachten op de vrouw, die zich aan het klaarmaken is. Dat is een halfuur per week.
(De bron is een podcast van StuBru, uitgebracht op 30/11/2007, die ik gisterenavond nog eens beluisterd heb.)
Geef toe. Qua good-to-know-gehalte halen de harde feiten het toch ruimschoots van de wazige kansen afkomstig uit een opinipeiling aka steekproef. Niet?
Dus: statistiek, weg ermee! Misschien!
(Ik ben aan het zwanzen geslaan. Ik weet het.)
Zoetekauw.
Lees ik op de interwebs:
Jongens snoepen meer dan meisjes. Uit een onderzoek van de universiteit van Kopenhagen blijkt dat meisjes beter ontwikkelde smaakpapillen hebben dan jongens. Dit heeft als gevolg dat jongens meer voedsel willen met een sterke zoete smaak dan meisjes.
[...]
Jongens verkiezen dan weer smaken die sterker en extremer zijn.
Dan denk ik terug aan mijn bezoek aan de tandarts. Die zei dat tussendoor snoepen ongezond is voor de tandjes. “En zeker niet teveel zoetigheid.” Wat dus tegen mijn natuur is, gezien de vastgestelde feiten. Of nog: van een leeuw kan men geen vegetariër maken.
Geen tussendoortjes dus, volgens de tandarts. Maar wat zegt de krant?
Gezond eten is gezond kiezen én regelmaat brengen in de voeding. Dat betekent drie maaltijden en evenveel tussendoortjes per dag.
(Nvdr: dit staat als tip bij het artikel over de gezondheid van politici tijdens de campagne.)
En dan hoor ik bij Yevgueni:
Men onderzoekt, men legt verbanden. Maar niemand die het weet.
Zo, de cirkel is rond voor mij. Ik kruip in mijn nest.
En met u? Alles in orde?
Probleem.
Er was een klein beetje paniek. Na het grondig uitpakken van sporttas en rugzak, hier op het kot, bleek dat de oortjes van de iPod nog thuis lagen. En de iPod hier op kot. Mea culpa, ik ben soms wat chaotisch. Zéker bij het inpakken van tassen.
Mijn iPod is heilig. Het witte ding speelt minstens twee uur per dag, tijdens de momenten dat de schoolboeken niet openliggen. Soms zelfs als de schoolboeken wel openliggen, als er bijvoorbeeld buiten teveel lawaai is. Muziek is -tijdens de examens meer dan ooit- mijn vorm van ontspanning. Ik heb het nodig om mijn hoofd leeg te maken, om de nodige afleiding te hebben. De effecten van een flink lijntje door je neus jagen, zonder het lijntje en zonder de neus. Zoiets.
Ik zeg het u: Mathias zonder iPod is als een café zonder bier.
Daarom ga ik vanavond een soort ‘best of’ maken van mijn muziekcollectie, en die via de PCsuite van Nokia naar mijn gsm versassen. De gsm beschikt over 8gb aan data-opslag, en aangezien er geconverteerd wordt naar ‘een geschikt formaat voor mobiele telefoons’, zijn dat toch redelijk wat nummers.
Probleem opgelost. Een luxebeest? Ikke? Uh, eigenlijk wel.
(Mocht Nokia, in plaats van een eigen aansluiting te ontwerpen, gewoon een 3,5mm-jack gebruiken, zou er natuurlijk geen probleem geweest zijn. Nokia-oortjes op de iPod en klaar is kees. Helaas, wishful thinking.)
Bronnen.
Beste mijnheer professor. U zegt dat Wikipedia geen goede bron is. En u zegt, dat een groot deel van het internet geen goede bron is. Ik zeg u: u heeft het mis. Ik mag dat zeggen. Ik ben opgegroeid met internet, u heeft er mee leren werken. Vergelijk het met een moedertaal, en een aangeleerde taal. Ik spreek de taal van het internet, u niet. Vergeef mij mijn arrogantie.
U vreest Wikipedia, en het internet, omdat om het even wie om het even wat online kan zetten. Da’s juist. Maar waarom vrezen? Het grootste deel van de mensen die schrijven aan Wikipedia, zijn experts in hun vakgebied. Hun artikels bevatten dikwijls voldoende referenties om aan te nemen dat ze correct zijn. Bijvoorbeeld, bijvoorbeeld en bijvoorbeeld. Dit zijn stuk voor stuk volwaardige artikels.
Er zijn uiteraard heel wat online publicaties zonder referenties. In dat geval moet u gaan dubbelchecken. Kent u één medium waarop u sneller kunt dubbelchecken, dan het internet? Als twee, drie, vier bronnen, onafhankelijk van elkaar hetzelfde schrijven, dan is de kans dat het juist is toch bijzonder groot? Mits een beetje internetervaring voel je aan je buik of het al dan niet een betrouwbare bron is. Je kan kritisch zijn, maar je mag het niet op de spits drijven. Men zegt van de kranten ook, dat er veel fouten in staan. Maar toch stelt niemand elk krantenartikel in vraag.
Dat een journalist domweg quotes van Wikipedia overneemt, bewijst niet dat Wikipedia geen goede bron is. De journalist had moeten dubbelchecken (want er was geen referentie voor die quote) en dan had hij vastgesteld dat de informatie foutief was. Hij had zelfs de fouten kunnen aanpassen.
Beste professor. Het internet is er, en Wikipedia ook. Ik zie deze twee niet als een vervanging van de klassieke literatuur. U mag deze niet zien als een gevaar voor de klassieke literatuur. Laten we tot een consensus komen; het is een aanvulling. Een extra middel. Het zou daarom goed zijn om Wikipedia en het internet in uw cursussen niet te verguizen. Integendeel! Neem ze op in het lessenpakket! Op termijn bespaart u uzelf veel miserie! Studenten die goed kunnen omgaan met alle mogelijke informatiebronnen -ook het internet- zijn betere studenten die beter werk afleveren. En dat is toch de bedoeling, neem ik aan?